Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Daar sta ik dan, laat in de avond, met drie koffers en maar twee handen, in een donker straatje in Havana. De taxichauffeur heeft ons aan de rand van het oude en autovrije centrum, Habana Vieja, afgezet en in zijn beste Spaans de weg gewezen naar ons hotel. Omdat we die taal niet machtig zijn, verdwalen we al na twee-keer-de-hoek-om. Ik maak samen met mijn jongste zoon (21 jaar) een rondreis van twee weken door Cuba; een verlaat eindexamen cadeau. Joris is op zoek gegaan naar iemand die de weg weet maar is al minstens een kwartier weg. Ik krijg het wel benauwd want zijn mobiel is, zoals altijd, leeg en de oplader zit in de koffer.
Het komt allemaal goed natuurlijk en we vinden het hotel. Een deurbel is er niet dus we laten de zware deurklopper op de deur van minstens 3 meter hoog vallen; de hele straat wakker. We komen terecht in een groot koloniaal pand, mooie grote kamer en dito binnenplaats, alles in zonnig geel en blauw geschilderd en vlakbij het gezellige Plaza Vieja; een goed begin (Hotel Beltran de Santa Cruz).

Wat gaan we ontdekken?

Waar gaat de reis (van een kleine 2 weken) heen, met andere woorden wat kun je in de berichten nog verwachten: na Havana rijden we westwaarts naar Vinales en vervolgens naar de uiterste westpunt van het eiland: Maria la Gorda. Terug naar het oosten bezoeken we Las Terrazas en rijden door naar Trinidad. We steken het eiland over naar het noorden en ‘doen’ een paar dagen strand op Cayo Santa Maria om dan weer terug te rijden naar Havana.

We worden gewaarschuwd
We hebben een bouwstenenrondreis met een huurauto geboekt en de volgende ochtend komt de reisagent langs. Als je de goede man moet geloven zijn we in een schurkenstaat beland want het regent waarschuwingen over wisseltrucs, oplichting bij het plakken van lekke banden, gestolen paspoorten en nog veel meer. Niks van gemerkt. Maar hij verstrekt ook nuttiger basisinformatie.

Twee munteenheden en de gevolgen daarvan
Cuba kent twee munten de CUP, het normale betaalmiddel van de Cubaan, ongeveer 0,04€ en de CUC, de ‘peso convertible’ of dollar genoemd voor de toerist, met een koers gelijk aan de Amerikaanse dollar (en dus ook bijna gelijk aan de Euro). Als toerist kun je CUC wisselen voor CUP maar je kunt er niet zoveel mee; hooguit wat fruit kopen op de markt of een kokosnootijsje op straat. Restaurants, hotels, excursies, winkels in het centrum kortom alles wat met toerisme te maken heeft rekent in CUC. Misschien kun je, als je de toeristengebieden mijdt, spotgoedkoop door Cuba reizen maar ik heb geen CUP-restaurants of CUP-winkels gezien. Aangewezen op de CUC is Cuba echt geen goedkoop land; de prijzen voor eten, drinken en logies liggen lager dan in Europa maar niet veel lager.
Het gemiddelde maandloon ligt volgens de reisagent op zo’n 8 tot 12 CUC. Dan is duidelijk waarom je in restaurants en cafés vrijwel geen Cubaan tegenkomt; dat is onbetaalbaar. Gevolg is ook dat een Cubaan die in het toerisme werkt zich meer luxe kan permitteren dan bijv. een arts omdat fooien in CUC worden betaald en luxe artikelen alleen in CUC kunnen worden gekocht.
Het verschil tussen arm en rijk is relatief klein, basisvoorzieningen als onderwijs, gezondheidszorg, basisvoedsel zijn gratis. Grote villa’s of dure auto’s zien we nauwelijks. Ben benieuwd hoe dat over pakweg 15 jaar is.

Meer lezen over onze reis door Cuba?:

Havana, de kennismaking
Vinales
Maria la Gorda
Las Terrazas

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail